Angina pectoris
Angina komt van ‘angor’ en betekent angst, beklemdheid;
‘pectoris’ komt van pectus en betekent borst. Deze aandoening veroorzaakt
terugkerende pijnaanvallen in de hartstreek door zuurstofgebrek van de
hartspier. Dit kan berusten op een kramptoestand van de kransslagaders, die de
hartspier met voldoende bloed en zuurstof moet verzorgen en een verkrampte
kransslagader is door een vaatverwijdend middel op te heffen. De aanvallen
maken als regel de lijder zeer angstig. De klachten treden regelmatig op, als
het hart extra zuurstof nodig heeft, vooral bij inspanning. Al na een paar
honderd meter lopen kan de pijn optreden en bij stilstand afnemen, maar na een
volgende wandeling ook weer snel optreden. Nitrobaat is een snel chemisch
werkend middel dat of direct of helemaal geen verlichting brengt.
Homeopathische middelen kunnen ook een snel effect geven met de bedoeling de
aanleg voor de kramp op te heffen. Wanneer dat lukt is het een echt
geneesmiddel. Nitrobaat geneest natuurlijk niet, maar het heft alleen het
verschijnsel tijdelijk op. Wanneer een pijnaanval speciaal bij koude optreedt,
kan de oorzaak liggen in de spieren van de borstwand, dan spreekt men van een
´verkeerde angina pectoris´.
Hart- en vaatziekten kan men beter voorkomen dan deze te
genezen. Voor een groot deel zijn zij welvaartsziekten! Teveel en te vet eten,
te weinig lichaamsbeweging en de fatale rookgewoontes zijn er aansprakelijk
voor. Daarbij valt te bedenken, dat de leefwijze van jongeren invloed heeft op
de latere gezondheid. Door de grote toename van hart- en vaatziektes verloopt
het sterftecijfer nog steeds in stijgende lijn. Aderverkalking kan een rol
spelen bij angina pectoris. Hierdoor treedt elasticiteitsverlies van de
bloedvaten op en vernauwing van de kleinere bloedvaten.
Angina pectoris is een doodsangst, eigenlijk angst voor
het niets – dat wil zeggen, dat er na de dood niets meer is! Elke angst geeft
een spasme van de hartkransvaten. De gevoelens tot deze doodsstrijd gaan
gepaard met angstige schuldgevoelens en hartbeklemming. Is men daarbij
neurotisch, dan is dat dikwijls een uitdrukking van onderdrukte hartangst. De
samenhang van de wil, denken en gemoed zijn niet op elkaar afgestemd.
Vanzelfsprekend spelen stress en hartritmestoringen hierbij een grote rol. Zijn
de nierkrachten te groot, dan kan dat tot samengebalde psychische krachten in
de hartomgeving stuwen en aldaar verkrampen.
·
afstomping, opwinding en lichamelijke angst komen vaak voor bij
het sanguinische type (koper) als nierpatiënt;
·
angst, doodsangst en piekeren komen vaak voor bij het cholerische type (goud);
·
dwangverschijnselen, illusies en angst voor de omgeving komen
vaak voor bij het melancholische type (kwikzilver).